Het voortbestaan van heisa
Als ik het woord heisa tegenkom, dan moet ik meteen aan mijn moeder denken. Die noemde alle werk waar ze geen zin in had een hele heisa! Zo van: Nee dáár beginnen we niet aan, dat is zon heisa!
Ik heb me vaak afgevraagd waar dat rare woord vandaan kwam. En pas nu zocht ik het eindelijk op in ons onovertroffen WNT. En dat wist het zeker: Heisa is een tussenwerpsel, ontstaan uit een samenvoeging van de uitroep hei met de uitroep sa! Heisa was oorspronkelijk een uitroep van, of opwekking tot vreugde. En inderdaad: Heisa, ja dat jubelt lekker!
Hei werd vroeger ook wel zonder h gebruikt. En ei ei betekende zoiets als kijk eens aan. Je kon het gebruiken voor een lichte verwondering, voldoening of schrik. En het werd al gebruikt bij de oude Grieken en Romeinen. En sa of tsa gaat waarschijnlijk terug via het Franse ça op het Latijnse ecce: kijk! Je zou heisa dus kunnen vertalen met kijkkijk.
Ei en sa zijn vrijwel uitgestorven woorden. Maar dat oeroude juichwoord heisa leeft nog voort in een bekend kinderliedje, waarin je jubelt: Hopsa heisasa 't is in de maand van Mei, ja, ja! Met het heerlijk knullige maar onschuldige namaakrijm heisasa / meijaja.



